Margrethe Venema, schrijver, dichter, denker, natuurmens


De Grens (2010)


Ik heb lang geaarzeld om aan een artikel over het werk van de Amsterdamse beeldhouwster Lotta Blokker te beginnen. Na enkele weken begreep ik dat ik de confrontatie met haar beelden uit de weg ging, omdat ik bang was om de innerlijke wereld van de mens te betreden, zoals deze dwars door de huid van Blokkers beelden op me af kwam. Ik associeerde de beslotenheid van de beelden met noodlottigheid, menselijke ontoereikendheid en eenzaamheid en merkte dat, daar waar de figuren naar binnen gekeerd waren, ik geneigd was om mij ervan af te wenden. Daar waar ik er vast van overtuigd was dat het zinvol was om me in Blokkers werk te verdiepen, nodigden haar bronzen beelden me steeds opnieuw uit om bij mijzelf naar binnen te gaan en mijn afweer te ontzenuwen. Deze tekst is voor een groot deel de neerslag van een persoonlijk onderzoek, waarbij ik me ervan bewust ben dat mijn eigen mensbeeld en mijn hoop/wanhoop het perspectief bepalen.


Pas de deux

Als ik naar Blokkers beeld Pas de deux kijk, vallen mij direct de gevoeligheid en de beslotenheid van het werk op. Het gaat hier om een vrouw die met een denkbeeldige ander danst. Elk detail van haar wezen, zoals haar lichaam het uitdrukt, verwijst naar een sterke innerlijke beleving. Wat dat betreft is Blokker er buitengewoon goed in geslaagd een uniek en authentiek individu neer te zetten. In eerste instantie wekte dit in zichzelf gekeerde beeld weerstand bij me op. Ik meende dat de vrouw van Pas de deux wel heel eenzaam moest zijn en kon me niet voorstellen dat zij genoeg aan een denkbeeldige geliefde had. Deze vrouw zat in mijn beleving vast in haar eigen verhaal, haar eigen droom. Nog even en dan zou haar droom als een bel uit elkaar spatten. Zo bezien vreesde ik dat ook mijn eigen dromen en idealen slechts luchtkastelen waren die, als er een storm op zou steken, van het ene op het andere moment in elkaar zouden kunnen storten.
Als ik Pas de deux met andere ogen bekijk, zie ik echter een verliefde vrouw die een en al tederheid uitstraalt. De intensiteit van haar gebaren en de zachtheid op haar gezicht vertellen iets over het achterliggende verhaal van haar leven, waarmee zij zich identificeert. Haar levensverhaal of droom is haar alles; het is haar hele wereld; het omvat het verleden, het heden en de beleving van het moment. Hier moet zij het, nu zij op leeftijd gekomen is, mee doen — een andere mogelijkheid bestaat er niet meer. Misschien heeft de vrouw van Pas de deux nooit écht afscheid van haar geliefde genomen en reist hij in gedachten nog met haar mee.
Misschien heeft zij de ontberingen van het verlies doorstaan bij gratie van de herinnering en is herbeleving de enige manier om zichzelf recht te doen. Als een ode aan haar eigen levensverhaal verlegt de vrouw van Pas de deux een grens door zich met haar denkbeeldige geliefde te verbinden en maakt op die manier haar wereld compleet.


Control

Net zoals bij Pas de deux gaat het bij Control om een op zichzelf staande persoon. Ook hier gaat het om een vrouw met een open houding, die desondanks de ogen gesloten heeft en in de eigen wereld zit. Zij is open naar zichzelf, maar for the time being ontoegankelijk voor anderen. Net zoals het woord 'macht' twee betekenissen heeft, waarvan de een positief en de ander negatief beladen is, kan je ook met het woord 'controle' twee kanten uit. Aan de ene kant betekent het beheersing/overheersing: het, desnoods met behulp van manipulatie, in bedwang kunnen houden van een situatie. Bij een positieve duiding van het woord gaat het om 'grip op de zaak hebben' vanuit wijs inzicht. Hier wordt gezocht naar een rechtmatig en logisch evenwicht. Het beeld Control roept bij mij wat dit betreft verschillende dingen op. In de eerste plaats denk ik aan een innerlijk evenwicht, zoals daar naar gezocht wordt in de yoga-oefening 'De Berg', waarbij alle gewrichten zo goed mogelijk op de juiste plek worden vastgehouden: de schouders recht boven het bekken, de knieën recht boven de enkels, de ruggengraat recht, het hoofd fier maar ontspannen. Als ik aan mijn eerste yogales terugdenk, herinner ik mij dat dergelijke perfect doorgevoerde poses mij destijds angst aanjoegen. De reden daarvan was dat het bij dergelijke oefeningen direct zichtbaar werd dat elk mens een wezen op zichzelf is, dat het, als het erop aankomt, met zichzelf moet zien te rooien, alsof wij mensen fundamenteel alleen zijn. Alsof, zeg ik, omdat ik in eerste instantie op verbinding met de buitenwereld uit ben. Hoewel mijn verstand mijn sterke verlangen naar verbinding kan relativeren, voel ik mij teleurgesteld en bang als ik op mijzelf teruggeworpen wordt. In eerste instantie riep het ingetogen karakter van Control, net als bij Pas de deux daarom weerstand bij mij op. Ik stuitte op de grens van hun huid en stuitte daardoor op mijn eigen grens. Staande op deze grens tussen binnen en buiten, tussen mijzelf en de beelden, voelde ik mij voor de keuze gesteld om weg te lopen òf om bij mijzelf naar binnen te gaan.


Het beeld Control maakt mij er op dit punt van bewust dat ik de angst voor mijzelf moet overwinnen. Het daagt me uit om opnieuw de stilte in mijzelf toe te laten om zodoende naar mijn innerlijke stem te kunnen luisteren. Ik heb gemerkt dat het daarbij niet alleen om controle gaat. Net als bij de yoga-oefening 'De Berg' speelt overgave een even belangrijke rol. Daar waar controle op perfectie en verbetering van de eigen persoon uit is, speelt overgave aan het zelf een rol in het leren aanvaarden van de imperfecte werkelijkheid. Zoals ik met betrekking tot de dame van Control opgelucht adem kon halen toen ik zachtheid in haar lijf ontdekte, ben ik er blij om dat ik niet alles verkrampt onder controle hoef te houden en een imperfect mens mag zijn. Geconcentreerd maar tegelijk ontspannen in mijzelf, leer ik zowel mijn kracht als mijn kwetsbaarheid beter kennen. Misschien is het zo nu en dan in retraite gaan een noodzaak om dicht bij mijzelf te blijven, om zo juist goed in de wereld van alledag te kunnen functioneren - daar aan de andere kant van mijn huid. Over hoe de dame van Control is als ze uit haar houding stapt, kunnen we alleen speculeren. Zij, zij staat daar maar. Op zoek naar een innerlijk evenwicht.








Lotta Blokker, Pas de deux, 2008, brons, 158 x 95 x 70 cm
De onloochenbaar ingetogen expressie van deze vrouw is bij uitstek de grens waar de blik van de toeschouwer op stuit.
Ik vraag mij af welk verlangen achter haar verschijning
schuilgaat.




 Lotta Blokker
 Control, 2010, brons, 164 x 44 x 25 cm



Lotta Blokker, zonder titel, 2009, brons, 76 x90 x 88 cm.
Ik zie twee mensen die, ondanks hun beslotenheid, op zoek zijn naar verbinding of herstel. Zij hebben niet genoeg aan zichzelf, maar hebben elkaar nodig. De verzoening met het leven bestaat hier uit een voorzichtige en liefdevolle toenadering.


 Lotta Blokker, Precipice (afgrond), brons, 56,5 x 95 x 70 cm
 Kwetsbaarheid en kracht liggen hier besloten in een enkele  individu. Ik zie hier een vrouw in een samengebalde  foetushouding, een vrouw die krachten meet met een afgrond.  Misschien is het haar innerlijke kracht die haar er boven houdt.

Zonder titel

In tegenstelling tot beide voorgaande afbeeldingen van Blokkers werk, bestaat het beeld links uit twee personen. Blokkers beelden zoeken wat dat betreft verschillende spanningsvelden op, zowel binnenin als tussen mensen. Steeds lijkt het echter te gaan om van elkaar losstaande individuen die een evenwicht zoeken of op herstel uit zijn. In het beeld links ervaar ik een spanning tussen twee personen. De een zit in elkaar gedoken alsof ze zich bang van een situatie afwendt. De ander buigt zich beschermend over haar heen en lijkt haar te willen vertellen dat ze niet alleen in de situatie is. Omdat ze achter de in elkaar gedoken persoon zit, is haar bereik echter beperkt. Is zij door haar betrokkenheid in staat de ander nieuw vertrouwen te geven?
Lotta Blokker vertelde dat dit brons een moeder en een kind uitbeeldt. De moeder houdt het kind vast en laat het tegelijk los. Ze wil haar kind beschermen en moet haar tegelijk aan zichzelf en het leven overgeven. Het kind dat ooit in de moeder ontstaan is, moet zijn eigen weg gaan. In wezen is het losmakingsproces hier volop aan de gang en spant het hier om de groei van een zelfstandige individu, waarbij de grenzen tussen moeder en kind verkend worden. Ook hier laat Blokker zien dat mensen, zelfs moeder en kind, ondanks de sterke band, gescheiden wezens zijn. In wezen zijn zij zowel fundamenteel met elkaar verbonden als fundamenteel alleen. Zowel losse individuen als nauwe verwanten.


Kwetsbaarheid en kracht

In het werk van Lotta Blokker liggen kwetsbaarheid en kracht in elk individu besloten. 'Kwetsbaarheid is kracht', zou Blokker zeggen. Ofwel brengt individualiteit automatisch beide elementen met zich mee. Een mens die zich in zijn eigen droomwereld ophoudt, lijkt van de buitenkant onkwetsbaar, net zoals iemand die zichzelf helemaal onder controle heeft. De kwetsbaarheid van een mens wordt pas echt zichtbaar op het moment dat hij zich als zichzelf aan de buitenwereld durft te laten zien, en dan blijkt diezelfde kwetsbaarheid in wezen een unieke persoonlijke kracht te zijn.
Dit blijkt ook in het beeldhouwproces waarbij Lotta Blokker nauw met modellen samenwerkt. In de context van het nauwgezette en gewetensvolle beeldhouwen is het naderen van de ander een intiem en kwetsbaar proces voor beide partijen. Hiervan is Blokker zich al bewust als zij voor het eerst met een nieuw model aan de slag gaat. De eerste keer dat een model bloot voor haar staat, neemt ze daarom afstand en slaat haar ogen neer. Steeds opnieuw gaat zij met grote voorzichtigheid het proces aan en geeft het model de tijd om te wennen. Als er na verloop van tijd vertrouwen ontstaat, gaat Blokker verder. Zoekend naar de persoonlijke essentie is ze zo betrokken bij het model, dat zij zich er nauwelijks meer van kan losmaken. Het gaat haar er om het wezen, dat zich door de expressie van het lichaam blootgeeft, te vangen en op haar beeld over te brengen. Het model is haar muze geworden. Zich er echter van bewust dat het nooit mogelijk zal zijn om helemaal met een ander samen te vallen, gaat Blokker hier tot aan de grens. Uiteindelijk zijn het de beelden die overblijven. Daar waar modellen verder met hun leven gaan en mogelijk door de tijd zullen veranderen, zal iets van hun eigenheid de tijd doorstaan — iets van hun kwetsbaarheid en iets van hun kracht.


De grens

Het grensgebied is hier het gebied tussen mijzelf en de ander dat ik probeer te overbruggen, tussen een beeld waar ik in wil gaan en het punt waarop blijkt dat dat niet mogelijk is.
De ultieme grens bestaat hier uit de poreuze huid die ons lichaam afbakent, de scheidingslijn tussen 'innerlijk' en 'uiterlijk', tussen 'binnen' en 'buiten'. Juist door deze grens tekenen mensen zich in eerste instantie af als op zichzelf staande wezens.
Staande op de grens kan de mens twee kanten op. Hij kan naar binnen of hij kan naar buiten. Hij kan, zoals de vrouw van Pas de deux, bij zichzelf blijven of hij kan contact met de buitenwereld zoeken. Hij kan, zoals de dame van Control, er bewust voor kiezen een tijdje op het eiland van zijn ziel te verblijven en hij kan van zichzelf wegvluchten door in de buitenwereld op te gaan. Hij kan bang wegduiken en zich afsluiten voor de liefde van een ander, of hij kan het toelaten dat een ander hem door middel van aanraking troost. Of hij kan, zoals Blokker, de essentie van het mens-zijn onderzoeken door nauwgezet de expressie van het lichaam te observeren en te verwerken in sprekende beelden.
Daar waar mensen in het alledaagse leven gemakkelijk van zichzelf wegdrijven of langs elkaar heen leven, nodigen Blokkers beelden uit om grenzen te verkennen en richting te kiezen — net zo lang tot er een verbinding ontstaat tussen 'binnen' en 'buiten', tussen mijzelf en de buitenwereld. Dan is de grens een brug geworden, die al naar gelang de behoefte open of dicht kan.


Voor meer informatie over het werk van Lotta Blokker, zie www.lottablokker.com